Nederland heeft niet één integratieprobleem, maar een hele rits. Er zijn oplossingen nodig voor migranten die hier niet aarden, niet meedoen of geen boodschap hebben aan de wetten en de normen en waarden die van Nederland een samenleving maken. En waar is migrantenpartij Denk om hun achterban in die samenleving echt verder te helpen? Problemen zijn niet opeens verdwenen wanneer je beledigd het debat de rug toekeert.
De GGD schat dat alleen al in Amsterdam 20.000 meisjes en vrouwen genitale verminking hebben ondergaan. Genitale verminking dreigt voor nog eens duizenden anderen in Nederland. Het gaat om vrouwen uit onder meer Somalië, Ghana, Ethiopië, Irak, Egypte, Eritrea, Nigeria en Soedan. Het doel van de verminking is controle over de (seksuele) gevoelens en fantasieën van deze vrouwen.
De praktijk van genitale verminking wordt door migrantengemeenschappen vanuit de eigen cultuur meegenomen naar Nederland en weerspiegelt een diepgewortelde ongelijkheid tussen mannen en vrouwen. Archaïsche opvattingen over het onderwerpen van vrouwen, die niet thuis horen in welke samenleving dan ook, maar zeker niet in de Nederlandse.
Twaalf tot vijftien jaar celstraf
Het verminken van meisje en vrouwen – ’vrouwenbesnijdenis’ is het eufemisme – is een misdrijf. Ook als er voor wordt uitgeweken naar het land van herkomst, bij wijze van vakantie. Mensen die meewerken aan de verminking maken zich schuldig aan zware mishandeling en kunnen 12 tot 15 jaar celstraf krijgen.
Niet alleen de Nederlandse wet is normerend, ook onze gezamenlijke opvattingen over lichamelijke integriteit en het recht op een eigen leven stroken niet met dit achterlijke ritueel uit een andere wereld. Hier is het integratieprobleem, dat immigranten dochters laten verminken wegens de sociale druk vanuit de gemeenschap. Volgens de GGD worden meisjes die niet verminkt zijn in deze gemeenschappen aangezien voor losbandige types. Geen ouder wil dat er zo over hun dochter wordt gesproken. En zonen krijgen van huis uit de boodschap om een genitaal verminkt meisje te zoeken. Hier gaat iets helemaal mis.
Angst om uit te spreken over misstanden binnen minderheidsgroepen
Burgemeester Femke Halsema sprak vorige week in de Amsterdamse Balie op een internationale dag tegen genitale verminking van vrouwen. Zoals deze burgemeester antisemitisme nooit kan bespreken zonder ook ’islamofobie’ te noemen, zo plaatste Halsema genitale verminking van vrouwen in een context van huiselijk geweld, dat ook in autochtone gezinnen voorkomt. Halsema is panisch om zich normerend uit te spreken over misstanden die plaatsvinden binnen minderheidsgroepen.
Culturele of religieuze motieven voor vrouwenverminking verdienen geen enkele context of relativering. De aantasting van de menselijke integriteit verdraagt geen cultuurrelativisme of vrijheid van welke godsdienst dan ook. Zo veroordeelde de rechter in Den Haag in 2020 een prediker van de Haagse As-Soennah moskee tot een taakstraf van 80 uur voor het promoten van genitale verminking bij meisjes. De wet stelt paal en perk en bestuurders mogen de daders geen enkele culturele of religieuze ruimte geven.
De dood van het Syrische meisje Ryan
Tegelijkertijd speelt er de rechtszaak tegen de vader en de broers van het Syrische meisje Ryan. Omdat zij geen hoofddoek wilde dragen en – in de ogen van haar familie – een te Nederlands leven was gaan leiden, zou Ryan de familie-eer hebben geschonden. Dat moest zij met de dood bekopen.
Het Openbaar Ministerie kwam afgelopen week met tekstberichten die er in de familie over Ryan zijn verstuurd. ’Ze heeft een kogel in haar hart nodig en gif in haar lijf’, schreef haar vader aan zijn zoons. ’Het meisje is een slet en dient gedood te worden’, aldus haar moeder. Uit de tekstberichten spreekt een schokkende vanzelfsprekendheid over de gevolgen van het schenden van de familie-eer.
Het is volstrekt onacceptabel dat families dit geweld of dergelijke dreigementen als cultureel erfgoed meenemen naar Nederland en lak hebben aan de Nederlandse wet en aan de samenleving die hen opvangt. Het is eveneens onbestaanbaar dat de landelijke politiek en burgemeesters hiervan wegkijken en daarmee in de praktijk meisjes en vrouwen vogelvrij verklaren. Volgens de politie treft eerwraak meer dan 600 meisjes en vrouwen per jaar; in de vorm van bedreigingen, ernstige mishandelingen en moord dus.
Angst onder homo’s
Andere integratieproblemen zijn opvattingen, die onder meer uit de Arabische wereld worden geïmporteerd, over homoseksualiteit en Joden. De onverdraagzaamheid jegens deze groepen resulteert in een breed gevoelde angst onder homo’s om op straat hand in hand te lopen. Joden verbergen hun Davidsster, Joodse gebedshuizen en scholen moeten al jaren worden bewaakt; geen andere religieuze minderheid wordt zo bedreigd in Nederland.
Vrijheden voor meisjes, vrouwen, homo’s en Joden die vanzelfsprekend behoren te zijn, worden vermalen door oerconservatieve sektarische opvattingen uit andere culturen, die hier kunnen rekenen op de onverschillige goedkeuring van de kerk die diversiteit, inclusie en gelijkheid predikt.
Tijd doorbrengen in een parallelle samenleving
En dan zijn er nog integratieproblemen met migranten die geen Nederlands spreken, niet werken, niet meedoen en hun tijd doorbrengen in een parallelle samenleving. Volgens het CBS en de website gemeente.nu bestaat de bijstand voor de helft uit mensen van buiten Europa. In aantallen gaat het om 208.000 niet-westerse migranten. Ruim de helft van mensen met de Syrische, Iraakse of Eritrese nationaliteit heeft een bijstandsuitkering. Zeven van de tien volwassen Somaliërs in Nederland zit in de bijstand. Ook daar is nog een enorme klus te klaren.
Dus hoezo zijn integratieproblemen opeens taboe verklaard? Het is de struisvogel-methode: als je er maar niet over spreekt en de ongemakkelijke werkelijkheid in een bureaulade verstopt, bestaan de problemen op slag niet meer. Aan oplossingen wordt dan uiteraard ook niet meer gewerkt.
Denk moet weet hebben van de problemen
Maar we hebben toch de migrantenpartij Denk. Tien jaar geleden opgericht door de Turkse Nederlanders Selçuk Öztürk en Tunahan Kuzu. Zij stapten uit de PvdA uit onvrede over het integratiebeleid van hun eigen minister Lodewijk Asscher. Denk móet weten welke problemen er spelen bij haar achterban. De partij van Stephan van Baarle moet weet hebben van de verontrustende groei van het aantal gevallen van eerwraak, genitale verminking van vrouwen en meisjes, de homo- en Jodenhaat en de isolatie van groepen migranten die nauwelijks beseffen in welk land ze leven.
Wat heeft Denk in haar achterban de meisjes en vrouwen te bieden, die in alle vrijheid een Nederlands leven willen leiden? Hoe helpt deze partij migranten om aansluiting te vinden, mee te doen en zich aan te passen aan de Nederlandse samenleving? Niets, want volgens Denk is de integratie af. Ook van de migranten die hier nog niet zijn(!)
Het manifest van Denk benadrukt vooral de waarde van de eigen cultuur van migranten en het belang van religieuze vrijheid. In de verkiezingsprogramma’s beklaagt Denk zich over (institutioneel) racisme als oorzaak van de meeste problemen en de achterstelling waar migranten in Nederland dag in, dag uit mee te maken zouden hebben.
Belang van eigen verantwoordelijkheid
Geen woord over de noodzaak om snel de Nederlandse taal machtig te zijn, het belang van eigen verantwoordelijkheid om mee te doen en de ernst dat jonge mensen zich moeten ontworstelen aan klemmende tradities uit een ander land, om hier van alle kansen die Nederland biedt gebruik te kunnen maken. Integratieproblemen zijn er niet om migrantengroepen te stigmatiseren, maar om opgelost te worden.
Deze column verscheen op 12 februari 2025 in De Telegraaf
Reactie plaatsen
Reacties